Essays

Op deze pagina wordt verwezen naar de essays die ik geschreven heb. Meestal gaan ze over recent verschenen filosofische of levensbeschouwelijke boeken. Ze hebben doorgaans een opiniërend karakter, zijn soms een recensie. Hier-onder vind je de links met een korte beschrijving. De nieuwste essays staan aan het eind van de pagina.

  • Lang leve Europa! In het boek ‘Passage naar Europa’ schrijft Luuk van Middelaar een uitgebreide geschiedenis over het ‘project Europa’. Hij doet dat als filosoof en gebruikt daarbij het zeer verhelderende paradigma van de drie kringen. In mijn artikel geef ik daar een korte toelichting op, maar richt me vooral op het alarmerende gegeven, dat zo weinig Europese burgers bij het ‘project Europa’ betrokken zijn.
  • Vragen ná Antonio Damasio. In ‘Het zelf wordt zich bewust’ beschrijft Antonio Damasio de evolutie en werking van de menselijke geest in een permanente wisselwering met de omgeving. Nergens reduceert hij de menselijke geest tot een ‘platte werking’ van de hersenen. Hij laat het mysterie intact. Toch blijf ik met enkele vragen zitten …..
  • Welke wortels heeft religie? Het boek ‘Het geloofsinstinct’ van Nicholas Wade is één grote hypothese over het ontstaan van religie. Hij meent, dat religie is aangeboren. Maar tot nú toe is er geen religiegen gevonden. Voor mij hoeft dat ook niet, omdat ik religie zie als een specifieke vorm van sociaal gedrag. Dat dit laatste wél aangeboren is, daarover bestaat consensus.
  • Kant van de andere kant. ‘Kritiek van het oordeelsvermogen’ van Immanuel Kant is ook voor ónze tijd uiterst actueel. Kant geeft op zijn manier aan, dat de exacte wetenschappen geen uitspraken kunnen doen over wat hun terrein te buiten gaat, zoals de natuur-op-zich, het doel van de natuur, de ziel, de onsterfelijkheid en God. Uitspraken hierover zijn geen empirische kennis maar slechts een oordeel.
  • Eindig of eindeloos bewustzijn? De meeste hersenwetenschappers beweren, dat het bewustzijn eindig is: het verdwijnt als de hersenen sterven. Pim van Lommel waagt in zijn boek ‘Eindeloos bewustzijn’ de hypothese, dat het menselijk bewustzijn niet vanuit de materie is ontstaan, maar door een eeuwig en universeel bewustzijn voortgebracht en gedragen wordt. Ik pleit ervoor de vraag naar de oorsprong van het menselijk bewustzijn open te laten.
  • Spiritualiteit die staat als een boom. Dit artikel gaat over duurzame spiritualiteit. Daar schrijf ik drie kenmerken aan toe: ze is kritisch, overstijgt zichzelf en zoekt verbondenheid. Ik werk dat uit met de boom als metafoor.
  • Brief aan Stephen Jay Gould. Gould heeft het letterwoord NOMA, Niet Overlappende MAgisteria, geïntroduceerd. Wetenschapsgebieden moeten elkaar niet overlappen, vindt hij. Kort gezegd: een wetenschapper moet geen uitspraak doen over een inhoud van een ánder wetenschapsgebied. Ik vul zijn letterwoord aan met ALWE, ALomvattende WErkelijkheid: vóór we wetenschappelijk bezig zijn, delen we allemaal dezelfde werkelijkheid waarin kennis, verwachtingen, intuïties, hoop en geloof met elkaar verweven zijn.
  • Is kunst religieus? Mensen in het algemeen en kunstenaars in het bijzonder worden van nature aangedreven om zich te uiten, om expressief te zijn en om vorm te geven aan hun relatie met de wereld. Vooral kunstenaars maken het onzichtbare zichtbaar. Daarmee verbinden ze zich met de diepere lagen van de werkelijkheid. Dat noem ik religieus.
  • Een goede wetenschapper gelooft. De grens tussen weten en geloven is diffuus: in de menswetenschappen, zoals theologie, moet men zich ook met de feiten bezighouden, terwijl bètawetenschappers moeten beseffen, dat hun omgang met het te bestuderen object veel geloofsmomenten kent.
  • God voor wie durft te denken. In dit artikel wordt betoogd, dat ‘God’ niet alleen een woord is voor gewone gelovigen of bijgelovigen, maar ook een zinvol woord voor wetenschappers kan zijn.
  • God als verleiding. Er bestaan talloze godsbeelden, maar het beeld van God als ‘verleider’ is zeldzaam: Hij daagt ons uit om op onderzoek uit te gaan, om te willen weten, te willen doorgronden.
  • God en wetenschap: één en één is een. Dit artikel benadrukt, dat er maar één werkelijkheid is en dat het bovennatuurlijke daar niet los van staat. De consequentie is, dat we begrippen als ‘God’ en ‘hiernamaals’ binnen die éne werkelijkheid moeten denken.
  • Sauna voor de ziel. Een sauna is een lustoord voor het lichaam, een klooster is dat voor de ziel. In februari 2011 hebben mijn partner en ik vier dagen doorgebracht bij de benedictinessen van Koningsoord te Arnhem. We hebben praktisch alle getijden bijgewoond. Er tussendoor maakten we wandelingen in de prachtige omgeving of lazen een boek. Voor mij was dat ‘Stil de tijd!’ van Joke Hermsen. Over dat boek, tijdsbeleving, klooster en getijden gaat het volgende artikel.
  • Lof der godloosheid? De Spaanse filosoof Fernando Savater schrijft in ‘Lof der godloosheid’ genuanceerd over religie. Hoewel hij atheïst is, ziet hij het belang ervan in. Hij gelooft, dat er geen leven na de dood is. Dat mag. Maar denkend vanuit het heldere verstand, kun je over wat ná de dood komt niets definitiefs zeggen. Daarover gaat mijn artikel.
  • Jas met rafelrand. Het boek ‘Een scheurtje in de rand van de schepping. Over de betekenis van leven in een onvolmaakt heelal’ van Marcelo Gleiser heeft mij zeer geboeid. Het heelal is asymmetrisch en onvolmaakt, de mens een ‘schitterend ongeluk’: hij is nietig en sterfelijk, tóch kan hij het Grote Geheel denken. Over dit thema en over gelijksoortige filosofische problemen gaat de volgende brief aan Marcelo Gleiser.
  • Laat ie vrij zijn! Kortgeleden heb ik voor onze leesclub, een grijsaard inmiddels, Tractatus Theologico Politicus van Spinoza gelezen. Een boeiend boek! En nog steeds actueel voor onze tijd. Tijdens het lezen vormde ik een bepaalde visie op boek en auteur. Door de discussie binnen de leesgroep is die genuanceerder geworden. Zowel die visie als het bijslijpen ervan heb ik verwerkt in het dit essay.
  • Worden wat we zijn: homo sociabilis. ‘De utopie van de vrijde markt’ van Hans Achterhuis is een indrukwekkend boek. Het bevestigt mijn mensbeeld: we zijn niet primair autonoom of afhankelijk, maar mens-in-relatie. De vrije markt moet worden getemd: de mens-in-relatie moet weer bepalend worden voor de markt én de overheid.
  • Ultieme vraag bij het afdalen van de berg des levens. In de roman ‘De Schopenhauer-kuur’ van Irvin D. Yalom, die het verhaal vertelt van een therapiegroep onder leiding van psychiater Julius Herzfelt, lijkt de vraag centraal te staan hoe wij ons tot onze eigen dood verhouden. Voor mijn leesclub heb ik er een kort discussiestuk over geschreven.
  • De Heilige Geest als Polsstok. In mijn bespreking van het boek De stille stem. Niet-weten als levenshoudingvan Jan Oegema haak ik aan bij het beeld van de Geest als Ontwrichter. Dat beeld vind ik uitermate creatief. Het verwoordt wat ik altijd al aangevoeld heb bij de Heilige Geest als derde persoon van de christelijke Triniteit: enthousiasme, in vuur en vlam staan, beweeglijk en verrassend zijn, nieuwe, gedurfde visies op traditionele overtuigingen ontwikkelen.
  • Brief aan Jan Bor. In ‘Wat is wijsheid?’ beschrijft Jan Bor zijn filosofische en zenboeddhistische zoektocht naar wijsheid, tevens een zoektocht naar een antwoord op ‘Wie ben ik?’ Begrippen als leegte, afgrond en nietsvult hij mijns inziens te veel als ‘gelovige’ in: de op voorhand positieve inhoud ervan wordt niet ter discussie gesteld. In een gefingeerde brief geef ik aan, dat een filosoof deze begrippen kritisch zou moeten bevragen.
  • Is mijn ziel nog katholiek? Ik heb moeite met de wijze waarop hersenwetenschappers de ziel reduceren. Zij is mij dierbaar, omdat het een groot cultuurgoed betreft. Bert Keizer komt voor haar op in zijn boek ‘Waar blijft de ziel?’ In dit essay doe ik er nog een schepje bovenop: de ziel is dát deel van de geest dat ons boven onszelf uittilt.
  • Leg neer die hamer! Dit is een reflectie op De antichrist van Nietzsche. Na 35 jaar heb ik dit boek herlezen. Literair vind ik het een hoogstandje, inhóudelijk lijkt het me achterhaald.
  • Ga zo door mijn zoon en ge zult spinazie eten! De Ethica van Spinoza is een moeilijk boek. Je moet er écht voor gaan zitten. Maar als je dat doet, mag je misschien wel méér ‘Spinoza heten’. Als titel van mijn korte reflectie heb ik een bekende Nederlandse uitdrukking en parafrase op ‘ ….. en ge zult Spinoza heten’ gekozen.
  • De Ethica door de ogen van een 21e-eeuwer. Voor mijn filosofische leesgroep heb ik de Ethica nóg een keer gelezen, zéér grondig deze keer. Deze reflectie bestaat uit een samenvatting op hoofdlijnen per deel, vijf keer dus, steeds gevolg door een persoonlijke visie.
  • Hannah Arendt: Denken. Het leven van de geest. Hannah Arendt woont in 1961 het Eichmannproces te Jeruzalem bij. Ze ziet geen monster voor zich, maar een doodgewone man. Hoe kan zo’n persoon zo ijverig geweest zijn met de organisatie van de massamoord op de joden in de Tweede Wereldoorlog? Wat haar vooral opvalt, is zijn gedachteloosheid. Zou er een relatie zijn tussen het kwaad en die gedachteloosheid? Daarom gaat ze het fenomeen van het denken onderzoeken. Het boek ‘Denken. Het leven van de geest’ is er het gevolg van.
  • Rüdiger Safranski: Nietzsche. Een biografie van zijn denken. Alleen als tweede-handsboek kon ik het nog bemachtigen, een eenvoudige paperback met aantekeningen in groene inkt van ene meneer Hugo Brouwer. €30 heeft hij ervoor durven vragen. Maar ik heb geen spijt van de aanschaf. Safranski weet de ontwikkeling in het denken van Nietzsche uiterst invoelend, gedetailleerd en pakkend, soms aforistisch, te beschrijven. In mijn reflectie zoom ik vooral in op de ultieme vragen met betrekking tot het ‘geheel van het zijn‘.
  • Hoeveel markt kan een mens verdragen? Voor mijn leesgroep filosofie heb ik Niet alles is te koop van Michael Sandel gelezen. In deze reflectie vat ik zijn ‘verhaal’ kort samen en stel vooral veel vragen.
  • In de kraamkamer van de speelse geest. Dit is een reflectie op het boek De Verlichting als kraamkamer van Jabik Veenbaas. Daarin geef ik aan wat ik goed vind aan het boek. Maar ook wat ik mis, namelijk de meer speelse en intuïtieve kant van de menselijke geest.
  • AristotelesFilosoferen met beide benen op de grond. Wie filosofische werken leest, komt regelmatig uitspraken over Aristoteles tegen. Ik wilde eens iets lezen ván Aristoteles: het werd de Ethica Nicoma-chea. Dat is me niet tegengevallen. Integendeel. Wat Aristoteles zijn studenten voorhoudt – het boek bestaat uit collegestof – is een aan-eenschakeling van antwoorden op vragen als ‘Hoe leid ik een goed leven?’ en ‘Hoe word ik gelukkig?’.
  • Zitten of vergeten? Het boekje Taoïsme, de weg om niet te Patriciavolgen van Patricia de Martelaere is onder mijn aandacht gekomen door de leesgroep filosofie waar ik deel van uitmaak. Ik heb het met veel plezier gelezen. De Martelaere wijdt je in in een héél andere filosofische traditie dan de Westerse. Ze heeft zich intens verdiept in het taoïsme en de Chinese taal. Het boekje smaakt naar meer. Jammer, dat ze zo vroeg overleden is.
  • Waarheid of methode? De titel van dit essay is een persiflage op Waarheid en methode? van Hans-Georg Gadamer. Ik heb het boek gelezen met de vraag in mijn achterhoofd in hoeverre Gadamer de natuurwetenschappelijke methode uitspeelt tegen zijn filosofische hermeneutiek. Dat blijkt mee te vallen. Die methode hóórt erbij, maar krijgt binnen het ruim opgezette ‘verstaan van waarheid’ een bescheiden plaats.
  • Albert CamusLiever illusies dan de steen van Sisyphus. Het thema van De mythe van Sisyphus van Albert Camus is de mens die leven moet in de spanning tussen de geest die vragen stelt en een wereld die geen antwoord geeft. De mens die die spanning opzoekt en uit kan houden noemt Camus de absurde mens. In een korte kritische reflectie daarop, getiteld Liever illusies dan de steen van Sisyphus, vijl ik de scherpe kantjes van zijn mensbeeld af en spreek liever van de zingevende mens.
  • Schuldgevoel van Coen Simon is een kort filosofisch werk met tal van prachtige doordenkertjes. In de kern pleit de auteur voor de homo ludens. Daarin volg ik hem in mijn artikel Het menselijk tekort met spel te lijf, maar vraag mij uiteindelijk af hoe we de mens weer aan het spelen kunnen krijgen.
  • Nog een rondje hermeneutische filosofie. Rob Lubbers maakt Unknown-1er gebruik van in zijn boek Psychotherapie door beeld- en begripsvorming. Mijn visie daarop staat te lezen in het essay Helpt dat nou echt al dat gekrabbel?
  • Ook het essay Het schone. Kunst als spel, symbool & feest van Hans-Georg Gadamer was weer een eye-opener. Dit heb ik ervan overgehouden: ga door met het verwijlen bij moderne kunst, want je zult er af en en toe door gegrepen worden! In mijn reflectie erover betrek ik, zoals ik bijna altijd doe, ook evolutionaire gezichtspunten: Gadamers kunstfilosofie: feest der herkenning.
  • Henri BergsonWeer een hoogtepunt heb ik mogen lezen (naast Waarheid en methode en Het schone. Kunst als spel, symbool & feest van Hans-Georg Gadamer ): het boekje Essays over bewustzijn en verandering waarin drie essays van Henri Bergson zijn opgenomen! Bergson is voor mij de eerste denker die in zijn filosoferen reflecteert over de evolutie. En dát al zo’n tachtig jaar geleden! In mijn essay Henri Bergson: een evolutionair filosoof avant la lettre beschrijf ik wat zijn werk voor mij betekent.
  • De kerngedachte van Ik en Jij van Martin Buber luidt: het werkelijke leven is ontmoeting. Ik zie het anders: verbondenheid, of die nu wel of niet willen, komt in de eerste plaats. Soms ‘verdicht’ die zich tot ‘ontmoeting’. De titel van mijn essay luidt dan ook: Ontmoeten? Soms, meestal niet.
  • Pragmatische antropologie van Immanuel Kant is een verrassend boek. Het heeft nietImmanuel Kant dat taaie van de drie uiterst abstracte Kritieken. Het is juist heel praktisch. Kant vertelt en passant tal van anekdotes. Af en toe heb ik er smakelijk om moeten lachen! In mijn essay De kleurrijke kant van Kant ‘verzamel’ ik de meest treffende uitspraken, destilleer daaruit Kants mensbeeld en vergelijk dat met het mijne.
  • Kairos, de jongste zoon van Zeus, is de god van het moment van inspiratie waardoor de ‘gewone tijd’ doorbroken wordt. Joke J. Hermsen wijdt er een heel boek aan: Kairos, Een nieuw bevlogenheid. Daarover reflecteer ik in mijn essay Waar heb ik dat al eens eerder gelezen?
  • Mijn leesclub filosofie ervaar ik als een stimulans om boeken te lezen die ik zélf niet zou kiezen: Religie voor atheïsten van Alain de Botton is er één van. Achteraf zeg ik: ‘Boeiend!’ Natuurlijk heb ik er ook kanttekeningen bij. Daarover gaat mijn essay Religie een keuze? Vergeet het maar!
  • De ideale staat of Politeia van Plato, in de vertaling van Gerard Koolschijn, is een boek om op te vreten. Ook al kan ik me met de inhoud niet altijd verenigen, de onderneming van Plato om een ideale staat te ontwerpen is een staaltje van out-of-the-box-denken en daarmee van filosofie en haar ‘kritische afstandelijkheid’. Daarvan leg ik getuigenis af in mijn essay De politeia van Plato verre van ideaal.
  • Charles TaylorEen seculiere tijd van Charles Taylor is een even indrukwekkend als omvangrijk boek. Je merkt dat hier een gelovige katholiek aan het woord is over secularisatie. Wat andere secularisatietheoretici hebben laten liggen, pakt hij op. Met name, dat het christelijke geloof niet simpelweg verdwijnt, maar mede van invloed is op de wording van deze seculiere tijd. In mijn essay Een seculiere tijd: kroon op het denken over secularisatie geef ik mijn mening over wat ik goed en minder goed vind aan dit boek van maar liefst duizend bladzijden.
  • Vooruit, nog eens een ‘rondje Nietzsche’. In mijn essay Nietzsche: nabloei in Turijn blik ik terug op Afgodenschemering Of hoe men met de hamer filosofeert, vertaald door Hans Driessen.
  • In mijn essay Is de wereld nog te redden? bespreek ik het boek  Metamoderniteit voor beginners – Filosofische memo’s voor het nieuwe millennium van Lieven de Cauter. Ik kan instemmen met zijn beschrijving van de precaire situatie waarin de wereld zich nu bevindt, maar bij zijn oplossingen heb ik enkele kritische kanttekeningen.
  • De kunst van het vreedzaam vechten van Hans Achterhuis en Nico Koning is een erudiete uiteenzetting over alle mogelijke vormen van geweld door de eeuwen heen en de wijze waarop mensen die beteugeld hebben en nog steeds beteugelen. Zij spreken op de achterkant van het boek van een zoektocht. Voor mij was het een spannende queeste! Maar na lezing zijn bij toch enkele vragen gerezen. Daarover meer in Vreedzaam vechten? Graag! Maar hoe?
  • Inleiding taoïstische filosofie, een uitgave van de Internationale School voor Wijsbegeerte (ISVW) Michel Dijkstra is eindredacteur – helpt vooral om begrippen in de taoïstische filosofie te begrijpen, zoals wuwei. Maar, vraag ik me na lezing af, hoe beoefen ik wuwei nu in de praktijk? In mijn opiniestuk Nou, wat willen de varkens nog meer? ga ik daar op in.
  • Vooroordeelvrij denken is  onmogelijk. Hierover schrijft Adam Sandel in Ruimte voor vooroordelen. Hij zoekt zijn gelijk bij Heidegger, Gadamer én ….. Aristoteles! Maar ik mis in zijn boek eígen theorievorming. Daarover schrijf ik in Ik? Vooroordelen? Adam, je meent het!
  • Een theorie van rechtvaardigheid van John Rawls is een boek waar je wel even voor moet gaan zitten. Maar het loont de moeite. Wat ik ervan vind is te lezen in het essay John Rawls: billijkt billijkheid alles?
  • Het tweede boek dat ik van Henri Bergson gelezen heb, Tijd en vrije wil, een vertaling van Jeanne Holierhoek van Les données immédiates de la conscience was weer genieten! In mijn essay Ik duur, dus ik ben! steek ik dat niet onder stoelen of banken. Ik blijf overigens met een verontrustende vraag zitten.
  • Misschien is het toeval, maar meteen na Tijd en vrije wil van Henri Bergson heb ik Tijd, Hoe tijd en mens elkaar beïnvloeden van Rüdiger Safranski gelezen. Gaat Bergson de diepte in, Safranski kiest voor een brede aanpak. Mijn essay Tijd voortijdig ten grave gedragen? sluit aan bij het meest verontrustende hoofdstuk van dat boek, hoofdstuk 5 Geëxploiteerde tijd.
  • Het boek Tussen Oost en West van Luce Irigaray gaat over hoe seksedifferentie kan bijdragen aan de identiteitsvorming van man en vrouw. Op originele wijze betrekt de auteur daar de adem bij. Mijns inziens zet zij het sekseverschil te zwaar aan. Daarvan getuig ik in de gefingeerde Brief over ‘Tussen Oost en West’ aan Luce Irigaray.
  • Het essay Onbehagen, Nieuw licht op de beschaafde mens van Bas Heijne geeft een scherpe analyse van het huidige mens- en wereldbeeld. Er is één aspect dat ik erin mis: de kwetsbaarheid van onze samenleving en cultuur. Daar ga ik in mijn pamflet Met onbehagen in het kaartenhuis op in.
  • Sapiens, Een kleine geschiedenis van de mensheid  van Yuval Noah Harari is geschiedenis zoals ik die graag zie. In mijn essay Lang leve de geleerde onwetendheid! leg ik uit waarom.
  • Het oerboek van de mens van Carel van Schaik en Kai Michel levert een nieuwe en frisse kijk op de Bijbel op. Zij plaatsen de Bijbel in cultureel-evolutionair perspectief. Hoewel vertrouwd met het Oude Boek, kijk ik er nu anders tegenaan. Ik ervaar het als een verrijking. Daarover gaat mijn essay De Bijbel een monument van culturele evolutie.
  • De mens in opstand van  Albert Camus is, wat de filosofische inhoud betreft, een moeilijk boek. Maar hij schrijft aanstekelijk en gebruikt treffende beelden. Wat beweert hij nu eigenlijk over de opstandige mens? Daarover gaat mijn reflectie Hoe houdt een mens het vol!
  • Woede en vergeving. Wrok, ruimhartigheid, gerechtigheid van Martha Nussbaum heb ik met veel plezier gelezen. Haar pleidooi voor woedeloosheid als de beste reactie op het onrecht dat mij wordt aangedaan is overtuigend. Toch zet ik liever in op geweldloosheid. Onder andere daarover gaat mijn opiniestuk Liefdevolle ruimhartigheid heilig verklaard?
  • Waarom de wereld niet bestaat is het boek van een jonge professor in de filosofie te Bonn, Markus Gabriel, die een gehele nieuwe filosofie wil ontwerpen: het Nieuwe Realisme. Voor mij is er in het boek niet veel nieuws onder de zon. Daarover schrijf ik in mijn opiniestuk Waarom de wereld wel bestaat.
  • Het boek Economie van goed en kwaad van Tomáš Sedláček is een kritiek op de huidige stand van zaken in de economische wetenschap: de nadruk ligt te eenzijdig op rationaliteit, maximalisatie van nut en het gebruik van de wiskunde. In mijn review Naar een economie van billijke verdeling loof ik het boek, maar plaats ook enkele kritische kanttekeningen.
  • In Tamelijk Sadistisch en zo vrij als een vogel reflecteer ik over Hersenbeest van Marjan Slob. Een helder en beeldend geschreven filosofie over menselijke vrijheid die niet te reduceren valt tot ‘slechts’ hersenactiviteit. In mijn review doe ik een poging die vrijheid verder uit te werken.
  • De menselijke conditie van Hannah Arendt vraagt om stevige tanden. Het is doorbijten geblazen! Maar het levert wél iets op: prachtige filosofische vergezichten op de drie hoofdbegrippen arbeiden, werken en handelen. Het merendeel van wat zij schrijft heeft mijn instemming. Maar ik mis ook wel iets in dit hoofdwerk van Arendt. Daar schrijf ik over in mijn opiniestuk Een kind wordt ons geboren, Naar een vleugje contemplatie in een actief leven.
  • In Dataïsme op weg naar alleenheerschappij? lever ik commentaar op het boek Homo Deus van Yuval Noah Harari. De auteur verstaat de kunst van het schrijven. Het boek munt uit door eenvoud. Maar dat levert ook enkele ‘schoonheidsfoutjes’ op.
  • Hoera! Ik denk Afrikaans! is een commentaar op het boek Socrates en Òrúnmìlá van Sophie Bósèdé Olúwolé. Daarin bepleit zij het belang van Afrikaanse filosofie. Daarin volg ik haar, maar oefen wél kritiek op het beeld dat zij van de westerse filosofie schetst.
  • Kapitalisme eindelijk geketend? gaat over Economics without Illusions van Joseph Heath. Veel van wat hij betoogt kan ik onderschrijven. Ik vind het alleen jammer, dat zijn boek zo weinig filosofie bevat.
  • Van vrije markt naar levenswebeconomie. Dit opiniestuk gaat over het boek Donuteconomie van Kate Raworth. Een belangwekkend boek, dat de weg wijst naar een nieuwe economie die mensen niet in armoede ondergedompeld laat en die de planetaire grenzen respecteert.
  • Mens, durf te denken! Dit commentaar op de Meditaties van René Descartes gaat in op wat baanbrekend is in het denken van deze 17e-eeuwse Franse filosoof en wiskundige, maar ook op de heftige reacties op dit boek van theologen, kerkelijke overheden, vorsten en andere tijdgenoten.
  • MONTAIGNE, PAS DE MONTAGNE. Eens moest het gebeuren: het lezen van Les Essais van Michel de Montagne. In de Nederlandse vertaling Essays van Frank de Graaf, want mijn Frans is niet meer wat het geweest is. Wat een boeiend boek! Voorzover ik weet, is hij de eerste auteur die zó over zichzelf en alledaagse onderwerpen schrijft. En dát in de tweede helft van de zestiende eeuw. Chapeau!
  • GROOTS GEEST UIT DE FLES gaat over het magnifieke boek De geest uit de fles van Ger Groot. Het bevat zeer toegankelijke wijsgerige antropologie. Groot begint bij Descartes.
  • WAT OP HET SPEL STAAT? ALLES! parafraseert de titel van het boek Wat op het spel staat van Philipp Blom en geeft er commentaar op. Het boek gaat over de kritieke toestand waarin mens en wereld zich momenteel bevinden. In mijn commentaar ben ik het deze keer roerend met de auteur eens.
  • VERGEVEN? JE ZULT WEL GEK ZIJN! gaat over het boek Vergeven. Omgaan met onrecht van de Duitse filosoof Svenja Flasspöhler. Haar analyse is even rijk als genuanceerd. Ze stelt alleen maar vragen en zet daarmee de lezer aan tot denken. Met haar concept ‘goddelijke vergeving’ heb ik moeite.
  • TAAL VOOR WITTGENSTEIN, Verbinden en vieren geeft in het kort weer wat Bert Keizer in Ludwig Wittgenstein, Taal de dwalende gids over de filosofie van deze beroemde Oostenrijker te vertellen heeft. Keizer brengt dat eenvoudig, helder en humoristisch voor het voetlicht. Mijn eigen visie op taal doe ik eveneens uit de doeken.
  • Meister Eckhart, jongleur van God is een leesstuk voor mijn filosofiegroep AFA (Abdulwahid, Ad en Frans). Het beschrijft wat ik opmerkelijk vind aan Over God wil ik zwijgen van de Meister Eckhart die rond 1300 theologiseerde, filosofeerde en de weg naar mystiek wees.
  • Nietzsche, kunstenaar van de ferocia animi gaat over het boek De vrolijke wetenschap van Friedrich Nietzsche. Als literatuur om van te smullen, maar aan filosofie is er minder uit te halen dan menigeen denkt. In mijn opiniestuk probeer ik dat hard te maken.
  • Wat is waarheid? Drie mogelijke antwoorden is een opiniestuk over waarheid. Uitgangspunt is hoofdstuk 2 Waarheid in het boek Foucault van Machiel Karskens. Daarin wordt minutieus beschreven hoe Foucault in zijn boeken, radiopraatjes, lezingen en colleges het thema waarheid ter sprake brengt. Ik constateer dat Foucault nergens inhoudelijk aangeeft wat hij onder waarheid verstaat. Daarom vul ik zijn visie aan met de meer inhoudelijke aanpak van Hans-Georg Gadamer en voeg er een eigen denkexercitie aan toe.
  • Ik ben dynamiet! gaat over Nietzsche. Nu zoom ik in op de méns achter de mythe. Dat kan ik doen dankzij de voortreffelijke biografie – met dezelfde titel, maar zonder uitroepteken – van Sue Prideaux.
  • Grand Hotel Europa: haalt het Avondland de morgen nog? Het boek Grand Hotel Europa van Ilja Leonard Pfeijffer heeft, hoewel fictie, een opvallend thema: Europa. Ofwel: de toekomst ervan. Het werelddeel heeft geen toekomst, meent het hoofdpersonage met dezelfde naam als de auteur. Ik denk daar ietwat anders over.
  • Margaret Cavendish, feminist avant la lettre? Het boek De stralende wereld van Margaret Cavedish in de vertaling van Thomas Heij (The Blazing World, Londen, 1666) vermeldt op de voorkant als subtitel De allereerste feministische utopie. Precies dat epitheton becommentarieer ik.
  • Het elfde en twaalfde gebodIn deze gefingeerde brief laat ik Rutger Bregman weten, dat ik zijn boek De meeste mensen deugen met plezier gelezen heb. Bregman schrijft aanstekelijk. Maar ik plaats enkele kritische kanttekeningen bij de inhoud, vooral wat zijn geschiedenisconcept betreft.
  • Twee keer Auschwitz, Wat 174517 en 119104 te vertellen hebben is een opiniestuk over twee boeken die over persoonlijke ervaringen in het concentratiekamp handelen: De zin van het bestaan van Viktor E. Frankl en Is dit een mens van Primo Levi. Twee verschillende benaderingen. Psychiater Frankl voegt aan het relaas over zijn kampervaringen nog iets extra’s toe: de theorie van de door hem ontwikkelde logotherapie. Die blijkt uiterst actueel voor onze tijd!
  • PERSOONLIJKE NOTITIES VAN MA – met MA wordt Marcus Aurelius aangeduid – is een opiniestuk over het boek Persoonlijke notities van Marcus Aurelius, die van 161 tot 180 het Romeinse Rijk bestuurt. Nog liever dan regeren geeft hij zich over aan filosoferen. Hoewel de achtergrond van zijn denken stoïcijns is, brengt hij gedachten naar voren die voor ónze tijd heel actueel zijn. Het boek Persoonlijke notities kan ik van harte ter lezing aanbevelen!
  • Mijn opiniestuk Kritiek van de kritische rede reflecteert op één zin uit het boek MENS/ONMENS van Bas Heijne: ‘Toegeven dat jij en jouw partij het mis hebben, is het moeilijkste wat er is’.
  • Het mysterie van de tijd van Carlo Rovelli heeft mij aan het denken gezet over de tijd.Wat het toevoegt aan wat ik al meen te weten van dit wonderlijke verschijnsel beschrijf ik in mijn opiniestuk Waar blijft de tijd? De tijd zal het leren!
  • Het boek De onzichtbare Maat, Archeologie van goed en kwaad van Andreas Kinneging is de moeite van het lezen waard. Je hoeft het met zijn beoordeling van de Europese Traditie, Verlichting en Romantiek niet eens te zijn om te constateren dat hij het gedachtegoed van bijvoorbeeld Plato en Thomas van Aquino uitstekend voor hervoetlicht brengt. Daarover gaat mijn opiniestuk Naar een zichtbare maat, Laat de Sirenen zangles nemen. 
  • Talloze malen heb ik óver Jean-Jacques Rousseau gelezen, maar eindelijk heb ik een boek van hemzelf ter hand genomen: Du Contrat Social ou Principes du droit politique in de vertaling Het maatschappelijk verdrag van Bert van Roermund en Sandra van den Braak. Ik heb er een en ander omheen gelezen en over dat alles reflecteer ik in Politiek tussen droom en daad.
  • Wie Jean-Jacques Rousseau (1712-1778) beter wil leren kennen, doet er goed aan zijn BekentenissenConfessions in het Frans – te lezen. De betekenis van die veel verkochte achttiende-eeuwse autobiografie is, met thema’s als het onpeilbaar diepe ik en de natuur, de grondlegging van de Romantiek. Daarover gaat mijn opiniestuk Archeologie van de ziel.

2 Responses to Essays

  1. Marcel says:

    Wat is dit ongelofelijk boeiend.

  2. Frans Holtkamp says:

    Ik neem aan, dat je ze allemaal gelezen hebt om tot dit zeer evenwichtige oordeel te komen?

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.